Vijftigste Amstel Gold Race voor Kwiatkowski.

By Wielrennen
Nederlanders niet goed genoeg op de Cauberg.

Zoals zo vaak in het wielrennen van de laatste jaren was deze Amstel Gold Race er één van wachten, wachten en nog eens wachten. Vooral niet te vroeg iets proberen want dat kan je net te veel kracht kosten en dan ben je in de laatste kilometers kansloos. En vooral door het ‘tactisch’ koersen van grote ploegen is het dan voor veel neutrale kijkers niet spannend. Zeker niet de eerste paar uren van de wedstrijd, want dan lijkt het alsof er niets gebeurt. Voor de kenners ligt dat natuurlijk anders, want zij zien in dat tactische spel een reuze spannende wedstrijd.

Maar in elk geval was duidelijk te zien dat er vooral werd gewacht. De eerste pakweg 200 kilometer van de koers gebeurde er niet veel. En dan is er niet al te veel om van te smullen in de Amstel Gold Race waar wielerliefhebbend Nederland elk jaar met spanning naar uitkijkt. Af en toe mag een klein groepje relatief onbelangrijke coureurs even ontsnappen, en niet veel later worden ze dan weer ingelopen door het peloton. De Nederlanders Mike Terpstra (broer van Niki) en bijvoorbeeld Timo Roosen mochten zo’n plaagstootje uitdelen.

Eindsprint.

En dan gebeurt wat je al had zien aankomen: de eindsprint. En in die eindsprint was regerend wereldkampioen Michael Kwiatkowski de snelste. Hij was uiteindelijk de rapste in een groepje van zo’n vijftien renners, waaronder Valverde en de Australiër Michael Matthews. De winnaar van vorig jaar, Philippe Gilbert, had het geprobeerd via een ontsnapping, maar hij kreeg onmiddellijk te veel snelle mannen met zich mee. Dus kon de man in de regenboogtrui, Kwiatkowski, uiteindelijk de sprint winnen. Dit tot relatieve tevredenheid van de organisatie van de koers. De kampioen was niet zomaar een toevallige winnaar, maar één met internationale sterrenstatus. Natuurlijk had ook de rondeleiding graag een Nederlandse winnaar gezien, maar dat zat er gewoon niet in. Kijk nog even naar de laatste kilometers van de wedstrijd:

Mollema.

Vooraf had men in wielerkringen gespeculeerd over de kansen van Tom Dumoulin en Bauke Mollema. Beide coureurs waren kansen toegedacht voor een plekje in de top tien. Maar onze vaderlandse toppers kwamen er in de finale van de wedstrijd niet aan te pas. En dus was de teleurstelling groot bij Mollema, die de afgelopen drie jaar bij de eerste tien was geëindigd, maar die nu als 55e over de streep kwam. Aan hem waren de korte klimmetjes in de Amstel Gold Race dit keer niet besteed; hij is daar naar eigen zeggen niet explosief genoeg voor. Hij moet het meer hebben van wat langere beklimmingen, waar het meer op duur-arbeid aankomt. Daarom heeft hij meer hoop voor Luik-Bastenaken-Luik, de klassieker die de afsluiting van het voorjaar vormt en die komend weekend op het programma staat.

Dumoulin.

Tom Dumoulin kwam dan wel in de tweede groep over de streep, maar met een 26e plaats was hij natuurlijk bepaald niet tereden. Hij vond dat hij meer had moeten laten zien; vooral omdat hij in zijn eigen achtertuin natuurlijk veel fans had. Hij nam het zichzelf dan ook behoorlijk kwalijk dat hij niet meer had laten zien. Zijn teambaas bij Giant-Alpecin nam het voor hem op. Hij vond dat Dumoulin er alles aan had gedaan, maar dat de grote jongens nou eenmaal iets beter waren geweest.

Lammertink.

Voor Team Roompot was de Amstel Gold Race een hoogtepunt van het voorjaar en de oranje rVijftigste Amstel Gold lammertinkenners leverden met Maurits Lammertink een prima prestatie. Hij werd de beste Nederlander op de 21e plaats. Ploegleider Erik Breukink was tevreden dat zijn pupil toppers als Mollema en Dumoulin had afgetroefd. Bovendien had Roompot-renner Mike Terpstra zich goed laten zien tijdens de koers en dit eindresultaat was het beste wat Roompot kon verwachten. Echte wereldtoppers zitten er niet in Team Roompot, maar men hoopt straks in de wat kleinere koersen op goede resultaten.